Een veiligheidskabel, binnen de evenementenbranche vaak safety kabel genoemd, is een stalen borgkabel voor hangende apparatuur. Binnen riggingmateriaal gebruik je hem als extra beveiliging naast de normale bevestiging. De kabel moet passen bij het gewicht, de benodigde lengte en de manier waarop je hem vastmaakt. Een goede veiligheidskabel is duidelijk gemarkeerd en makkelijk te controleren. Zo werk je met een kleine kabel die een groot verschil kan maken.
Een veiligheidskabel gebruik je als tweede beveiliging bij apparatuur die hangt. De normale bevestiging blijft de hoofdophanging. De safety kabel is de back-up wanneer een klem, haak of andere primaire bevestiging het zou begeven.
Veiligheidskabels worden vaak gemaakt van staalkabel met lussen aan de uiteinden. Je bevestigt ze met een karabiner, schroefschakel of andere passende sluiting aan een vast punt en aan het apparaat. De kabel hoort daarbij niet als hoofddrager te worden gebruikt. Hij is bedoeld om een val te voorkomen of sterk te beperken wanneer er iets misgaat.
Je kiest een veiligheidskabel vooral wanneer deze punten belangrijk zijn:
Bij eventwerk worden safety’s gebruikt bij apparatuur boven, naast of rond werkplekken en publiek. Denk aan armaturen, lichteffecten, kleine speakers, decoronderdelen, borden en technische accessoires die aan truss, buis of constructie hangen. De veiligheidskabel zorgt voor een tweede verbinding naast de gewone bevestiging.
Voor lichttechnici en riggers is vooral belangrijk dat de kabel snel goed zit. Tijdens de opbouw wil je niet zoeken naar een te korte kabel of een sluiting die net niet lekker pakt. Een safety kabel moet lang genoeg zijn om netjes te leggen, maar niet zo lang dat er een grote valweg ontstaat. Verder valt een zwarte safety minder op. Wel zo belangrijk boven een podium.
Bij beurzen, theaters, clubs en tijdelijke producties zie je vaak veel kleine ophangpunten dicht bij elkaar. Dan helpt het wanneer veiligheidskabels overzichtelijk zijn opgeborgen en goed herkenbaar blijven. Een kabel zonder duidelijke werklast of met beschadigde sluiting hoort niet terug de rig in.
Ook bij afbouw telt gebruiksgemak. Een safety die soepel loskomt en niet vastgevreten zit in een haak of schakel scheelt tijd. Dat klinkt klein, tot je er twintig achter elkaar moet losmaken.
De juiste veiligheidskabel kies je eerst op basis van het gewicht van het object. De maximale werklast van de kabel en sluiting moet daarbij passen. Kijk niet alleen naar de kabel zelf, maar ook naar de karabiner, schroefschakel of borging waarmee je hem gebruikt. De zwakste schakel bepaalt uiteindelijk wat de combinatie waard is.
Daarna kijk je naar lengte en bevestigingspunt. Een korte safety kabel werkt netjes bij compacte armaturen dicht tegen truss of buis. Een langere kabel geeft meer ruimte om een geschikt borgpunt te bereiken. Te lang is alleen niet automatisch beter, omdat de valweg dan groter kan worden.
Let bij het kiezen vooral op:
Veiligheidskabels zijn er in verschillende lengtes en belastbaarheden. Een kleine lamp vraagt iets anders dan een zwaarder effect of een bord dat verder onder de truss hangt. Begin daarom niet bij “welke kabel ligt er nog”, maar bij wat je moet borgen.
De werklast moet duidelijk zijn. Die kan op het product, het label of de documentatie staan. Bij gecertificeerde uitvoeringen hoort die informatie goed te controleren te zijn. Als je niet kunt achterhalen wat een safety mag hebben, dan weet je ook niet of hij bij de toepassing past.
Een praktische keuze hangt af van de combinatie:
Veel safety kabels hebben een vaste karabijnhaak. Dat werkt snel en is handig bij veelvoorkomende toepassingen. Je klikt de safety vast, controleert of de haak goed sluit en legt de kabel zo dat hij niet onnodig in de weg hangt.
Bij sommige uitvoeringen zit er extra borging op de sluiting. Dat kan prettig zijn wanneer de kabel langer blijft hangen of wanneer er meer beweging in de omgeving is. Gebruik je een losse schakel, kies dan een uitvoering die past bij de kabel en het bevestigingspunt. Binnen de riggingcategorie vind je hiervoor ook shackles en sluitingen.
Let bij sluitingen op de volgende punten:
Bij sommige toepassingen wordt gevraagd om een veiligheidskabel met specifieke certificering, zoals BGV-C1. Dat kom je vooral tegen bij professionele eventtechniek en locaties waar eisen aan hangende lasten duidelijk zijn vastgelegd. Zo’n aanduiding is geen versiering. Het helpt om te controleren of de safety geschikt is voor het werk waarvoor je hem wilt gebruiken.
Kijk bij gecertificeerde safety kabels naar de volledige combinatie. Een kabel kan netjes zijn uitgevoerd, maar de gebruikte sluiting moet ook passen bij de toepassing. Controleer daarom de markering, documentatie en werklast van het geheel. Meer achtergrond over werklasten en veiligheidsfactoren vind je bij normering bij rigging.
Gecertificeerde uitvoeringen zijn vooral interessant wanneer:
Een veiligheidskabel moet zo worden gelegd dat hij echt kan doen wat hij moet doen. Maak hem vast aan een geschikt punt op het apparaat en aan een betrouwbaar punt op de constructie. Gebruik geen zwakke beugel, sierdeel of los onderdeel dat niet bedoeld is om kracht op te nemen.
Houd de kabel zo kort mogelijk zonder hem strak als hoofddrager te gebruiken. De normale ophanging moet het gewicht dragen. De safety blijft de extra beveiliging. Laat hem ook niet zo los hangen dat een object eerst flink kan vallen voordat de kabel iets doet.
Controleer bij montage:
Soms lijkt het handig om meerdere veiligheidskabels aan elkaar te koppelen. Dat kan in de praktijk voorkomen, bijvoorbeeld wanneer een klein bord of licht object lager moet hangen dan het vaste borgpunt. Doe dit alleen wanneer de gebruikte onderdelen geschikt zijn en de verbinding netjes te controleren blijft.
Een reeks losse kabels is geen oplossing voor een verkeerde ophanging. Hoe meer verbindingen je toevoegt, hoe meer punten je moet controleren. Gebruik liever direct een safety kabel met de juiste lengte en werklast wanneer dat kan.
Let bij koppelen extra op:
Veiligheidskabels zijn meestal gemaakt van staalkabel. Verzinkt staal is praktisch voor algemeen gebruik en kan goed tegen normaal locatiegebruik. Een PVC-coating kan de kabel prettiger in gebruik maken en helpt om contactschade aan apparatuur of afwerking te beperken.
De kleur kan ook meespelen. Een zwarte safety valt minder op in truss, theater en donkere showomgevingen. Een blanke of verzinkte uitvoering is juist makkelijk te herkennen in opslag en bij controle. Kies wat past bij de plek waar de kabel hangt en hoe zichtbaar hij mag zijn.
Materiaal en afwerking hebben invloed op:
Controleer veiligheidskabels voordat je ze gebruikt. Kijk naar knikken, rafels, beschadigde lussen, roest en sluitingen die niet goed dichtgaan. Een safety die er rommelig uitziet, hoort niet boven iemands hoofd te hangen. Ook niet “voor deze ene keer”.
Heeft een safety kabel een val opgevangen, gebruik hem dan niet opnieuw zonder beoordeling door iemand die daarvoor bevoegd is. De kabel kan er nog redelijk uitzien en toch belast zijn geweest op een manier die je niet aan de buitenkant goed ziet.
Let bij controle en onderhoud op:
Goed opbergen houdt veiligheidskabels langer bruikbaar. Gooi ze niet als een warboel onderin een kist waar ze tussen klemmen, bouten en scherpe delen belanden. Dan krijg je knikken, beschadigde coating en sluitingen die minder soepel werken.
Bewaar safety’s droog en overzichtelijk. Sorteer ze bij voorkeur op lengte of werklast, zodat je tijdens de opbouw snel de juiste pakt. Dat voorkomt dat iemand een te lichte of te lange kabel gebruikt omdat die toevallig bovenop ligt.
Een nette opslag helpt bij:
Veiligheidskabels zijn kleine onderdelen die je niet wilt vergeten bij hangende apparatuur. Let op werklast, lengte, sluiting, certificering en de staat van de kabel. Zo borg je armaturen, accessoires en andere hangende objecten netjes naast de gewone bevestiging. Twijfel je welke veiligheidskabel of safety kabel past bij jouw opstelling? Je bent welkom in onze showroom bij Eindhoven. Neem dan contact met ons op.