Reddingsmateriaal gebruik je wanneer werken op hoogte vraagt om een duidelijk plan voor noodsituaties. Het gaat om uitrusting waarmee iemand gecontroleerd kan worden ondersteund, verplaatst of naar beneden gebracht. Elk onderdeel moet passen bij de manier waarop je werkt. Dat geldt voor het grote materiaal, maar ook voor de kleine onderdelen eromheen. Zo bouw je geen losse verzameling spullen op, maar een reddingsoplossing die logisch te gebruiken is.
Reddingsmateriaal wordt gebruikt wanneer iemand niet zelfstandig uit een positie kan komen. Dat kan gebeuren bij werk op hoogte, bij touwsystemen of op plekken waar normale toegang lastig is. Het materiaal helpt om iemand gecontroleerd te laten zakken, te ontlasten of te ondersteunen tijdens een redding.
Bij redding draait het niet alleen om sterke producten. De combinatie moet kloppen. Een gordel, touw, apparaat, katrol of klem moet passen bij de gekozen werkwijze. Losse onderdelen die op zichzelf goed zijn, maken samen nog niet automatisch een goed systeem.
Reddingsmateriaal wordt vooral gekozen wanneer deze punten belangrijk zijn:
Bij events wordt veel gewerkt op plekken waar je niet zomaar even bij kunt. Denk aan truss, daken, tijdelijke constructies, riggingpunten en technische posities boven het podium. Als iemand daar vast komt te zitten of niet meer zelfstandig kan afdalen, moet reddingsmateriaal klaarstaan dat bij die werkplek past.
Voor festivalbouw en theatertechniek is voorbereiding het halve werk. Je wilt vooraf weten waar het reddingsmateriaal ligt, wie ermee mag werken en hoe iemand uit een lastige positie wordt gehaald. Dat klinkt saai, tot het nodig is. Dan is saai ineens precies goed.
De ruimte op locatie is vaak beperkt. Er hangen kabels, doeken, staal en andere onderdelen in de buurt. Reddingsmateriaal moet daarom niet alleen sterk zijn, maar ook goed te bedienen blijven in een echte werksituatie.
Reddingsgordels en reddingsharnassen ondersteunen iemand tijdens evacuatie of verplaatsing. De uitvoering bepaalt hoe iemand hangt, waar het systeem wordt aangesloten en hoeveel ondersteuning het lichaam krijgt. Een evacuatiegordel wordt anders gebruikt dan een zitgordel of volledig reddingsharnas.
Let bij gordels en harnassen vooral op pasvorm, aansluitpunten en normering. Een gordel moet snel goed zitten, maar ook goed te controleren zijn. Bij redding wil je geen bandenpuzzel terwijl iemand al in de problemen zit.
Reddingssystemen combineren meerdere onderdelen tot één bruikbare opstelling. Denk aan een set waarmee iemand kan worden neergelaten, ontlast of gecontroleerd verplaatst. Het voordeel zit vooral in voorbereiding: de onderdelen horen bij elkaar en zijn sneller inzetbaar.
Reddingsapparaten regelen de beweging in het touwsysteem. Een afdaalapparaat, zelfremmende descender of apparaat met extra functies bepaalt hoe gecontroleerd de afdaling verloopt. Let daarbij op touwdiameter, remwerking en toegestane belasting.
Een reddingssysteem werkt alleen goed wanneer de gebruiker het systeem kent. Training hoort er dus bij. Het apparaat kan veel, maar het neemt het nadenken niet over.
Reddingstouwen vormen de lijn waar het systeem op werkt. Ze moeten passen bij het apparaat, de katrollen en de manier waarop het systeem wordt gebruikt. Diameter, lengte en touwtype zijn daarbij geen details.
Katrollen helpen om touw soepeler te laten lopen of kracht beter te verdelen. Touwklemmen kunnen grip geven op een lijn wanneer spanning moet worden vastgehouden of overgenomen. Beide onderdelen moeten geschikt zijn voor het touw waarmee je werkt.
Let bij touwen, katrollen en klemmen op:
Accessoires maken reddingsmateriaal praktischer in gebruik. Ze kunnen helpen bij verbinding, bediening, veilig meenemen of het compleet houden van een apparaat. Het zijn geen hoofdonderdelen van de redding, maar ze kunnen wel bepalen of een opstelling netjes werkt.
Gebruik accessoires alleen wanneer ze een duidelijke taak hebben. Een ring moet goed liggen in de verbinding. Snijgereedschap moet veilig mee kunnen en snel bruikbaar zijn. Onderdelen voor apparaten gebruik je alleen bij het apparaat waarvoor ze bedoeld zijn.
Begin bij het reddingsplan. Wat moet er kunnen gebeuren als iemand niet zelfstandig terug kan? Daarna pas kijk je naar het materiaal. Zo voorkom je dat je losse producten verzamelt zonder duidelijke werkwijze.
De onderdelen moeten op elkaar aansluiten. Een touw moet passen bij het apparaat. Een apparaat moet passen bij de belasting. Een gordel moet passen bij de gebruiker en de reddingsmethode. Als één onderdeel niet klopt, wordt de hele opstelling minder duidelijk.
Let bij het samenstellen vooral op:
Reddingsmateriaal moet schoon, compleet en controleerbaar blijven. Kijk voor gebruik naar slijtage, vervorming, beschadigde stiksels, scherpe randen en onderdelen die niet soepel werken. Labels en markeringen moeten leesbaar zijn.
Berg materiaal zo op dat duidelijk blijft wat bij elkaar hoort. Een reddingsset die verspreid ligt over drie kisten is vooral een zoekopdracht. Houd touwen, apparaten, gordels en accessoires overzichtelijk bij elkaar wanneer ze samen gebruikt worden.
Leg twijfelachtig materiaal apart. Niet straks. Niet na de klus. Meteen. Bij redding wil je werken met spullen waar geen vraagteken aan hangt.
Reddingsmateriaal hoort bij professioneel werken op hoogte. Let op de reddingsmethode, de combinatie van onderdelen en de mensen die ermee moeten werken. Zo staat er niet alleen uitrusting klaar, maar materiaal dat past bij de praktijk op locatie. Twijfel je welke reddingsmiddelen aansluiten op jouw werk? Neem dan contact met ons op.